NL – Zelf compost maken

Zelf compost maken

Waarom zou je eigenlijk aan dit gedoe willen beginnen!!! Ik hoop dat je na het lezen van dit artikel en ervaring hebt opgedaan, een net zo enthousiast composteerder zult worden als de schrijver van dit artikel. Het is inderdaad wat lang geworden omdat ik het heel belangrijk vind dat je gaat begrijpen hoe en waarom, zodat je weet wat je en waarom je het doet en wie wil dat nu niet?

Wat is Composteren

Composteren is een biologisch proces waarbij organisch materiaal omgezet wordt in een stabiel humusachtig product. Om dit proces in korte tijd te verwezenlijken dient de temperatuur voldoende te kunnen stijgen. Daarvoor is nodig dat het te composteren materiaal in een hoop opgezet wordt. Dit kan op een meerdere manieren. Op veel tuinen is het gebruikelijk om met pallets een vierkante ruimte te creëren van 1x1x1 m.

We onderscheiden aerobe en anaerobe compostering. Bij aerobe compostering zorgt de opbouw ervoor dat er voldoende lucht, dus zuurstof, in de hoop kan doordringen, waardoor de temperaturen hoog genoeg wordt en de compostering nagenoeg reukloos verloopt. Bij anaerobe compostering wordt de hoop vast getrapt of in een put opgeslagen(denk aan de oude kuilsilo’s). Dit proces duurt lang en bij lage temperaturen. Het eindproduct ruikt minder fris.

Het composteringsproces verloopt in een aantal stadia. Tijdens de eerste fase gaan zgn mesofiele bacteriën aan het werk bij een temperatuur van 10-40 C hierbij komt veel CO2 vrij en de hoop wordt zuurder. Als in de volgende fase de temperatuur nu voldoende kan stijgen o.i.v. zuurstof komen er steeds meer thermofiele bacteriën die de temp doen oplopen tot wel 60 á 70 °C. Er komt nu veel NH3 vrij. Deze beide fasen duren maar enkele weken. De hierop volgende fase de zgn. rijpingsfase gaat de temperatuur dalen tot onder de 30 C en nu komen de mesofiele bacteriën weer en gaan er allerlei kreeftachtigen, spinnetjes, torretjes en de compostwormen aan de slag die zich door de hele hoop heen werken en omzetten in echte compost die naar aarde ruikt. De zuurgraad is nu neutraal. Deze laatste fase duur enkele maanden. In de winter verloopt deze fase een stuk langzamer als in de zomer. De hoop is bij rijpe compost gehalveerd en bij overjarige compost tot 1/3 van de oorspronkelijke hoogte geslonken.

Waar komen nu al die beestjes vandaan? Deze zitten al aan de oorspronkelijke materialen, ze komen uit de lucht en vooral dierlijke mest bevat veel. Ook compoststarters bevatten vaak bacteriecultures. Eén ding is zeker deze micro-organismen kunnen zich verschrikkelijk snel vermenigvuldigen als ze een geschikte voedingsbodem hebben gevonden.

De hoge temperatuur is van wezenlijk belang omdat bij temperaturen van 60-70 °C ziektekiemen en onkruidzaden gedood worden. Deze temperaturen worden vooral gehaald in hopen met stro, stalmest en gehakseld hout en de hoop moet voldoende groot zijn. Deze hoge temperatuur wordt dan ook in de eerste weken gehaald. Bij kleinere hopen en hopen die gedurende een langere periode opgebouwd worden zal de temperatuur onvoldoende stijgen. Max. zal dan liggen tussen de 35 en 55 °C. Ook dan zal het geheel keurig gecomposteerd worden hoor. Een goede composteerder zal daarom wachthopen maken en pas op het laatste moment de hoop opzetten zodat de temperatuur in korte tijd hoog oploopt. Ook omzetten van de hoop waarbij minder goed verteerd spul naar binnen wordt gebracht werkt hiertoe aan bij. Deze omzetting kun je het best na een 4 tot 6 weken doen nadat je de hoop opzette.

Welke stoffen kunt je composteren?

Alles wat organisch van oorsprong is kan in principe op de composthoop. Voor het opzetten van een goede composthoop is het goed om te weten dat er onderscheid wordt gemaakt tussen groen en bruin materiaal. Groen materiaal is stikstofrijk en nat materiaal dat vooral voeding levert aan de composthoop en weinig structuur, zoals gazonmaaisel en groenteafval(keuken). Bruin materiaal is koolstofrijk materiaal dat belangrijk is voor de structuur, zoals stro en snoeihout.

Hieronder een lijst waarin de C/N verhouding staat. Bruin materiaal heeft dus een hoge C/N en groen materiaal een lage C/N. Alleen materiaal met de goede C/N verhouding, zoals dat in het middenvak staat, composteert goed.

Dit betekent dus dat als je materiaal uit het bovenste vak gebruikt je dit moet mengen met materiaal uit het onderste vak om aan de goede C/N verhouding te komen. De paardenmest die wij op de tuin gebruiken bevat bij de ene boer veel zaagsel en die van de kinderboerderij veel stro.

Je moet in beide gevallen dus stikstofrijk materiaal bijmengen. Bijvoorbeeld bloedmeel met een heel hoge N.

Je kunt afval van fruit en groenten gebruiken, aardappelschillen en een heleboel andere plantaardige resten. Gebruik echter nooit gekookte groenten of aardappelen. Denk er bij warm weer aan regelmatig met een gieter of tuinslang wat water bovenaan uw compostvat toe te voegen, want eenmaal opgedroogd stopt het composteringsproces onverbiddelijk.

Dit is een alfabetische opsomming van composteerbare stoffen: aardappelschillen, afval van groenten en fruit, biologisch afbreekbare verpakkingen, bladeren, dennennaalden, doppen van noten, eierschalen, haagscheersel, koffiefilters, hooi, kamerplanten, koffiegruis, onkruid, papier van de keukenrol (indien niet vervuild met vet, verf of oplosmiddelen), schaafkrullen van zuiver, niet geïmpregneerd hout, stro, takjes, theebladeren, theezakjes, uitwerpselen van planteneters, versnipperd snoeihout, zagemeel (van zuiver, niet geïmpregneerd hout).

Algemeen geldt dat je voor zo veel mogelijk diversiteit moet proberen te zorgen en de verschillende materialen goed met elkaar vermengen. Je kunt een onderscheid maken tussen enerzijds groen, vochtig materiaal zoals bladeren, groenten en fruit, en anderzijds bruin materiaal zoals hout, notendoppen, koffiegruis enzovoort. Een compostvat moet zowel groen als bruin materiaal bevatten, indien mogelijk van allebei een ongeveer gelijkaardig volume en in ieder geval goed vermengd.

Volledigheidshalve geven we nog een lijst met materialen die je niet in je compostvat of -container mag gebruiken, eveneens alfabetisch: aarde, asse van een kachel of open haard, beenderen, blik, dierlijk afval, distels, houtskool, ijzer, kattenbakvulling, kunststof, metaal, netels, olie, saus, snoeihout van meer dan 2 centimeter dikte, stenen, stof van een stofzuiger, timmerhout met verf, vernis of impregneermiddel, uitwerpselen van vleeseters, vet, vlees, wegwerpluiers, zand.

Onkruid kan altijd op de hoop als het nog geen zaad gevormd heeft. Dus wel met bloemen, maar let op de zaadvorming. In het andere geval midden in de hoop waar de temperatuur het hoogst is.

Snoeihout moet altijd fijn gemaakt worden. En vooral goed bevochtigen. Een hoop met veel snoeisel moet dus goed bevochtigd worden omdat de hoge temperatuur veel water doet verdampen.

Aardappelloof, tomatenloof, courgetteloof etc. kan mits gezond prima op de composthoop.

Zieke planten kunnen mits de temperatuur hoog genoeg wordt op de hoop. Beter is dit niet te doen als je niet 100% zeker bent dat je de vereiste temperatuur haalt. Ook bij twijfel nooit op de hoop.

Aarde en dus onkruid met aarde mag niet op de hoop. Je onkruid moet je goed uitschudden, want anders ben je straks, over enkele jaren, je teellaag kwijt.

Grof materiaal altijd fijn maken met een hakselaar, snoeimes of mes.

Vochtigheid van de hoop is erg belangrijk. Deze moet zo rond de 50% liggen. Dit kun je testen door midden uit de hoop wat materiaal te nemen. Als je in je hand fijn knijpt en het vocht loopt eruit dan is het te nat. Valt het uiteen dan is het te droog en moet je begieten. Praktische regel is dat als je je tuin moet besproeien je dit ook moet doen met je hoop. Bij te nat weer de hoop afdekken of een deklaag van bijvoorbeeld hooi erop.

De hoop opzetten

De hoop liefst op de grond, dus geen tegels, in de schaduw o.i.d. maar opwarming in de zon is wel een pre hoor. Je kunt er een struik iof klimplant voorzetten. Wat dacht je van een framboos of braamstruik?

De grootte kan het best 1x1x1 m. zijn, maar dat is zo’n beetje het minimum en als je hem omheint met pallets of zo. Nu is op onze tuinen de toegestane hoogte 0,75 m. en deze dien je aan te houden. Tussen deze hoogte op het midden van de tuin en de beschoeiing aan de slootkant zit wat muziek waar je rekening mee kunt houden bij het opzetten.

Als je de hoop opzet dien je dat dus in één keer te doen en het materiaal voor de hoop op zgn wachthopen te bewaren totdat het zover is. In de praktijk zal je je hoop geleidelijk opzetten. In dit geval kun je er rustig vanuit gaan dat je max. haalbare temp nooit hoger als 55 °C zal worden. Het composteren duurt wat langer en er gaan minder schadelijke zaken dood.

Op de klassieke manier wordt een hoop in afwisselende lagen op te bouwen. Er is echter niets op tegen de materialen direct goed te mengenzodat de C/N verhouding gelijk al goed is. Je moet dus alleen goed letten op het uitgangsmateriaal en de gewenste C/N eventueel bijmengen met bloedmeel voor de nodige N maar ook regelmatig wat beendermeel kan geen kwaad voor extra N en P.

Als de hoop nare luchtjes of schimmels laar zien of ruiken dan is je vochthuishouding niet in orde. Een te natte hoop gaat stinken en een te droge gaat schimmelen, je ziet dan ook veel mieren en pissebedden.

Wat kun je doen met COMPOST?

Gebruik van compost heeft heel wat voordelen:

  • Compost vergroot het organisch gehalte van de bodem; het humus gehalte.
  • Stimuleert het bodemleven
  • Vergroot het vochtvasthoudend vermogen
  • Levert voedingsstoffen aan de planten
  • Heeft een ziekte werend vermogen

Onze grond is in het algemeen wat arm aan humus, omdat als je geen of te weinig compost gebruikt het humusgehalte zal dalen door afbraak. Alleen door gedurende langere tijd extra te strooien vergelijkbaar met onderstaande tabel zal het humusgehalte geleidelijk stijgen.

In de eerste plaats gebruik je compost als meststof. Hiervoor gebruik je rijpe compost welke je in het voorjaar in de grond onderwerkt. In de bovenste laag. De verdeling van compost is per groentesoort als volgt:

Bladgroente 5,3 kg per m2 – Vrucht 6,0 kg per m2 – Aardappel 1,4 kg per m2 0 Aardbei 4,8 kg per m2 – Kool 6,4 kg per m2 – De geduide hoeveelheden zijn per jaar. Deze tabel is gebaseerd op een laag humus gehalte van 1% C in onze grond.

In de tweede plaats als mulchlaag. Deze gebruik je als de bodem voldoende opgewarmd is. Dit is doorgaans in juni. Een mulchlaag bevordert het bodemleven en houd het vocht enorm goed vast zodat sproeien niet of nauwelijks behoeft. Het bestrijd onkruidvorming . De wind kan geen aarde meenemen en regen slaat de grond niet dicht. Mulchen kun je prima tussen de planten door doen. Nadeel van mulchen en zeker bij een te dikke laag dat het slakken en ander ongedierte bevordert. Wel is mij en anderen opgevallen dat je bij een dikke mulchlaag wel meer slakken hebt, maar er niet zoveel last van hebt, omdat ze voldoende te eten vinden in de mulchlaag.

Wat je niet moet doen is?

Jonge compost onderwerken of bruin materiaal met een hoge C/N , zoals stro, onderwerken in de grond. Dit materiaal heeft een hoge C en zal dus N nodig hebben en zal deze aan de grond onttrekken met als gevolg dat je planten te weinig voeding krijgen.

Veel plezier met composteren en tot op de tuin.

Advertisements

Comments are closed.