Verzorging Anthuriums

Anthurium-1De Anthurium komt van de familie van de aronskelk-achtigen (Araceae). Van oorsprong komen Anthuriums uit de tropische regenwouden van Guatemala.

Het was de botanicus Karl von Scherzer die deze plant in Europa introduceerde.

De eerste soort werd dan ook genaamd naar de vinder; Anthurium scherzerianum. Die soort zelf is nagenoeg verdwenen, maar vele Scherzerianum-hybriden zijn hier uit voortgevloeid die veel minder gevoelig zijn voor droge lucht in huiskamers.

De nederlandse naam, flamingoplant, werd afgeleid door de grote bloem die sierlijk staat op een lange steel, denkend aan een flamingo die staat op één poot. De wetenschappelijke naam is minder flatterend voor de bloem. De Griekse woorden ‘Anthos’ staat voor bloem en ‘oura’ voor staart, vertaald : staartbloem dus. Alle soorten hebben een fraai gevormde bloemschede met daarin spiraalvormige bloemkolven. Aan de kolf zitten kleine onopvallende bloempjes. Sommige soorten krijgen opvallende bessen aan de kolven. De kleur van de bloemscheden kunnen varieren van rood, naar roze gevlekt tot wit. De scheden zijn glanzend en blijven lang mooi aan de plant.

In West-Europa is de Anthurium andreanum het bekendst; zowel als snijbloem en als plant in de huiskamer. De plant wordt wel ook eens de lak-anthurium genoemd. Zowel de bladeren als de bloemen zijn groot en glanzend. Ook als ze afgesneden zijn, blijven ze lang goed in bloemstukken of in vazen.

Daar de Anthuriums afstammen uit de tropische wouden, houden ze van een warme en vochtige plaats in de huiskamer. De planten staan graag in een vochtige omgeving, maar niet met hun voeten in zeer vochtige potgrond. De omgekeerde-schotel-in-pot- methode is een heel goede manier om aan de wensen van de plant te voldoen. Anthuriums staan niet graag in volle zon, maar wel op een plaats waar er veel licht in valt. Een noord-oost raam is het beste. Anthuriums houden niet van kalk. Geven van leidingwater is dan ook uit den boze. Zelfs bij het benevelen van de bladeren met leidingwater houdt sporen achter, nml. bruine vlekken op de bladeren. Anthurium zijn ook gevoelig voor schildluis. Bij verzorginsfouten zal de flamingoplant hier direkt op reageren. Het blad zal opkrullen, vlekken op de bladeren, het verschijnen van de schildluis. Gieten van koud water of het staan in droge lucht of de verkeerde potmengsel zijn voldoende om de plant uit haar lood te brengen.

VERMEERDEREN

Om het jaar, of max, om de twee jaar dient de Anthurium te worden verplant. Tijdens deze werkzaamheden kan men de plant, indien gewenst, scheuren. Dit is dan ook de mogelijkheid om deze te vermeerderen. Ook kan men deze stekken door middel van stamstekjes. Hierbij worden alle bladstelen verwijderd zonder echter de ogen in de bladoksels te beschadigen. Deze stekjes worden dan geplant in een mengsel van zand en turfmolm in een omgeving van 25° C.. Na enkele weken komen er wortels en bladeren aan deze stekjes. Daar jonge plantjes zeer gevoelig zijn voor hoge zoutconcentraties worden deze verspeend in een potgrond waarin Sphagnum (veenmos) en turfmolm zijn in verwerkt. Oudere planten kunnen dan verder worden gekweekt in een luchtige, kwalitatieve, universele potgrond.

Advertisements